Gepubliceerd op zondag 29 november 2015 om 20:31 door Denis

Uittreding der gevoeligheid

terug

Uittreding der gevoeligheid

Uw bewustzijn in een glas water

De wetenschap mag dan nog zoveel theorieën hebben over de werking van de hersenen, het bewustzijn blijft een mysterie. Hoewel men meent dat het bewustzijn in de hersenen zit, kan het ook in een glas water zitten. Dit is geen grap maar een letterlijke waarheid.

Het bewustzijn en de gevoeligheid buiten het lichaam gebracht

Laat ik me nader verklaren: het boek “L’extériorisiation de la sensabilité” Van E. A. A. de Rochas d’ Aiglun, had het in 1909 al over het verlengen van het gevoel, dat zich normaal gezien volgens onze opvattingen niet buiten het lichaam kan uitbreiden. We zijn immers rationeel gezien volledig afhankelijk van onze zintuigen.

Van magneten, magnetiseren en hypnotiseren

proef van Halsen

Afbeelding: de proef van Halsen

Mesmer, de man die het “dierlijk magnetisme – magnetiseren” ontdekte en daardoor mensen kon genezen of in slaap brengen was een voorloper van Braid die zich meer toelegde op wat hij “hypnotisme” noemde. Braid deed veel experimenten met de ontdekking van hypnose en al gauw werd het duidelijk dat de menselijke geest en het menselijk lichaam veel meer mogelijkheden hadden dan ooit proefondervindelijk was aangetoond. Geïnspireerd door “de Rochas” deed hij dan ook proefnemingen met hypnose om deze gevoeligheid buiten het lichaam te brengen zoals de auteur beweerde. Hij bedacht een uniek experiment dat herhaalbaar was en onder gecontroleerde omstandigheden kon worden uitgevoerd.

O.a. de parapsycholoog Dr. E. De Jong was getuigen van deze experimenten en onderzocht deze “uittreding der gevoeligheid” nader in de universiteit te Leiden.

Het voelen van een messteek in een glas water.

De proef bestond erin een persoon diep te hypnotiseren en deze dan de suggestie te geven dat zijn zintuiglijk gevoel in een glas water zat. Als men nu met een mes in dat glas water stak, dan reageerde de proefpersoon erop. Om alle mogelijkheden dat er een doodgewone suggestie aan de proeven ten grondslag lag en tevens ook alle mogelijkheden van “zintuiglijke onbewuste waarneming” uit te sluiten, deed men de proeven in verschillende variaties.

Eerst moet ik echter duidelijk wijzen op het feit dat de hypnotische suggestie het verlengen van het gevoel buiten het lichaam betrof en men zodoende wederzijds van de veronderstelling uitging dat deze waarneming verzwakte naarmate de afstand tussen de proefpersoon en het glas water groter werd. Dit was zo omdat alles zwakker wordt, warmte, licht en dergelijke, naarmate men verder van de bron verwijderd is. Daarom werd dit verondersteld. Bovendien werd het aan de proefpersoon ook zo gesuggereerd. Dit dacht men ook eerst over dingen zoals telepathie, maar dat blijkt ongeacht de afstand te werken. Zowel de proefpersoon, onder hypnose of onderhevig aan een posthypnotische suggestie als de hypnotiseur, gingen van die veronderstelling uit, zodat het ook zo geschiedde. Men merkte dan ook dat de reactie minderde naarmate de afstand tussen de proefpersoon en het glas groter werd. Dit was niet nodig geweest. Het moet evengoed overgedragen kunnen worden, zonder die veronderstelling. Het bewustzijn van het gevoel leek inderdaad een lichamelijke reactie te veroorzaken, ook al was het glas water, volledig buiten het zicht van de proefpersoon tot en met afstanden van 5 meter.

En onbewuste indrukkken?

Zou het echter kunnen dat onze proefpersoon indirect en onbewust een indruk opving, iedere keer, dat men deze handeling deed? Er werden nieuwe proeven gedaan, met drie glazen water. Men bracht het bewustzijn van het gevoel over in één van de drie glazen en niet bij de andere. Men deed de proeven buiten zintuiglijk bereik in een andere kamer. Men mixte de drie glazen tot men zelf niet meer wist welk glas het juiste glas was. Onderaan waren de drie glazen evenwel van een teken voorzien, dat niet zichtbaar was tijdens het mengen van de glazen. Na vele proeven moest men inderdaad tot de bevinding komen dat de gehypnotiseerde proefpersoon inderdaad alleen reageerde op dat glas waarin zijn bewustzijn was overgebracht. Dit hield in dat met hypnose nog veel meer mogelijk was. Vooral de geestelijke mogelijkheden houden een enorme bedenking in. Maar ook een combinatie van geestelijke en lichamelijke factoren zijn mogelijk. Zo werden ook proefnemingen gedaan met posthypnotische suggesties dat iemand ’s namiddags in slaap zou vallen en wakker zou worden met geschreven stigmata op zijn arm. Daartoe bleek het zelf mogelijk het woord te laten verschijnen dat de hypnotiseur had opgegeven, meestal de naam van de proefpersoon. Het duurt dan wel enkele dagen eer de bloedende kwetsuren zijn verdwenen.

Dit verklaart bijvoorbeeld ook uittredingen waarbij dan wel gezien i.p.v. gevoeld wordt buiten het lichaam. Het moet volgens mij mogelijk zijn iemand een volledige uittreding te laten hebben op hypnotisch commando.

Transpersoonlijkheid

Het belangrijkste van deze proef is echter het onderliggende geheim. Het bewustzijn kan dus ten minste gedeeltelijk worden overgedragen in een glas water! Later deed “Stanislav Grof” een intussen wereldvermaard psychiater, experimenten met transpersoonlijkheid, waarbij hij het bewustzijn van een gehypnotiseerde over kon brengen in het leven van iemand anders. Al gauw waren niet veel proefpersonen meer te vinden wegen de verkregen private kennis en kennis van de levenshistoriek van de persoon die fungeerde als doelobject. Vooral de echtgenoten van de proefpersonen namen het niet. Men was genoodzaakt verdere proeven met dieren te doen. Hoe dan ook, alle experimenten slaagden. Het bewustzijn kan verplaatst worden. Dit houdt automatisch ook in, dat regressie onder hypnose op deze manier niet meer kan bewezen worden. Er zijn echter tekens verkregen op een andere manier volgens niet hypnotische technieken door Prof. Ian Stevenson[1].

De kern van de kwestie die hierbij naar boven komt is dat we meer zijn dan een lichaam met stoffelijke hersenen waarin het bewustzijn zetelt. Het toont absoluut aan dat deze experimenten inhouden dat een bewustzijn buiten de hersenen mogelijk is. De hersenen lijken in deze experimenten meer als een stoffelijke transformator voor de lichamelijke reacties dan op bewustzijn. Het kan evenmin ontkend worden dat chemische stoffen geen inwerking hebben op de geest. Er is dus zeker een koppeling tussen hersenen en geest, vooral in onze stoffelijke toestand. Deze conclusie houdt echter niet in dat we daarom chemisch denken. In uitgetreden toestand houdt “dronkenschap” bijvoorbeeld op. Wist je dat iemand die sterft 70 gr lichter wordt? Is dit het ijlstoffelijk lichaam?

De essentie van de proeven is dan ook dat we weer naar holistische filosofieën moeten gaan om het geheel te kunnen verklaren.

 

Denis

 

[1] Dat reïncarnatie bestaat kan worden aangenomen op grond van kennis die we al weten. Of I. Stevenson ook een wetenschappelijk bewijs leverde is een totaal andere kwestie. Hij toonde wel in ieder geval aan dat mensen over kennis kunnen beschikken van andere levens.