Gepubliceerd op maandag 15 januari 2018 om 13:26 door Denis

Is onze werkelijkheid virtueel?

terug

albert_einstein_quote-illusion

De aard van onze werkelijkheid

Golven of deeltjes

Heb je moeilijkheden om te begrijpen waarom onze werkelijkheid een simulatie zou zijn of kan je het eenvoudigweg niet geloven? Dan denk je nog dat alles gemaakt is van harde voorwerpen zoals de vaste stof van atomen. We noemen dit een materialistische opvatting.

Atomen zijn echter helemaal geen vaste gevulde dingen want ze bestaan uit 99,99999% uit leegte. Er is alleen een centrum en aan daarrond aan waanzinnige snelheid ronddraaiende elektronen. Die zijn microscopisch klein als je hen bekijkt op de grootte van het atoom zelf. Het atoom is dus geen ding met een ondoordringbare mantel er rond. Die elektronen die deeltjes zijn raken nergens iets anders aan.

Die supersnelle elektronen blijven maar draaien, eeuwig en zonder hun snelheid of baan te verliezen. Dit kan al niet volgens de wetten van vaste materie (2de wet van de thermodynamica zegt dat ze zouden moeten terugvallen naar de kern). Ze zouden energie moeten verliezen en daardoor zou hun baan geleidelijk kleiner moeten worden zoals gebeurd als ze afkoelen. Die blijken echter niet geleidelijk te verkleinen maar met sprongen. Tussen de ene baan en de lagere is er geen mogelijkheid en daar kan je dus niet bestaan.

Atomen en moleculen blijken ook te trillen. Het zou daarop zijn dat ons reukorgaan de verschillende geuren herkent. Iedere molecule heeft zijn eigen trilling. (zoals een trilbatterij).

Volgens de regels van vaste materie kan niet verklaard worden waarom dit trilt. Ons atoom is dus een overgrote leegte welk zich voordoet als vast deeltje. Maar wat nu met bijv. licht? Zijn dit fotonen (deeltjes of vaste stof) of golven (energie zonder vaste stof). Einstein bewees dat het deeltjes waren want hij vond de fotocel uit waar licht elektronen kon losslaan uit een metalen plaat om zo elektriciteit op te wekken. Aan een andere kant kan je bewijzen dat licht golven zijn, bijv. door de werking van een polarisatiefilter (of bril) die golven met een bepaalde oriëntatie tegenhoudt. Anders zou dat niet lukken. Ook blijkt licht een interferentiepatroon te kunnen vertonen wat alleen kan verklaard worden als golven.

Als een lichteenheid inslaat op een fotografische plaat in een fototoestel dan verandert echter alleen de molecule waar het deeltje is ingeslagen en dus kan het geen golf zijn. Als het een golf zou zijn zou immers een veel breder gebied een afnemend lichtschijnsel vastleggen en geen punt.

Betreft het feit dat licht elektriciteit kan opwekken rees er echter een nieuw mysterie op dat moest verklaard worden. Licht van bepaalde kleuren bleek geen elektronen te kunnen losslaan uit de plaat ongeacht de hoeveelheid licht van die kleur men op de plaat scheen. Daartegenover bleek blauw licht dat net heel goed te doen, zelfs in hele zwakke beschijning van de plaat. De oplossing van het mysterie bleek in de golflengte van het licht te zitten, blauw licht heeft een korte golflengte en rood licht een lange. Rood licht heeft gewoon te weinig energie om die elektronen uit de schil van hun atomen los te slaan. Hoe hoger de golflengte, hoe meer energie en blauw licht is de hoogste frequentie.

Een golf kan eeuwig de ruimte doorkruisen zonder af te zwakken terwijl het als deeltje dit niet kan. Zo kan een antennesignaal nog heel ver opgevangen worden als de verspreiding van de kwantumgolven nog genoeg deeltjes kunnen losmaken in de antenne van onze radio waar deze golven omgezet worden in elektronen die transistors kunnen bedienen. Als een uitgezonden radiosignaal deeltjes zouden zijn probeer dan maar eens exact te mikken naar die ene antenne want je kan dan geen meerdere antennes bereiken als het deeltje al een antenne bereikt heeft.

Nu denk je wellicht “jaja dat kan allemaal wel waar zijn in de wereld van het subatomaire maar in onze macro wereld is het toch stof”

Fout want die vaste stof is net gemaakt van die vreemde atomen waar de puzzel over gaat of het golven of harde deeltjes zijn. Het twee spleten experiment moest het voor eens en altijd uitmaken. Je kan dit “double slit experiment” op you tube vinden. In de tekenfilm wordt het prachtig uitgelegd.

En hiermee wordt onze werkelijkheid wel heel raar. Uitgezonden lichtgolven doen zich als golven voor zolang niemand ze waarneemt. Als iemand ze echter observeert of meet blijken ze zich ineens als deeltjes te gedragen met een heel andere uitkomst. In plaats van een interferentiepatroon door golven treedt er een patroon op dat erop wijst dat een deeltje ofwel door de eerste spleet of door de tweede is gegaan. Dan is het een deeltje. Dat betekent dat het resultaat beïnvloedt wordt door een bewuste waarneming als men kijkt door welke spleet het deeltje is gegaan en hoe de resultaten zijn als men niet heeft gekeken en dus ook niets heeft gedetecteerd.

Nu bleek dat het beeld op de plaat waarop te zien is of het deeltjes zijn of golven, deeltjes aan te duiden (als schietgaten op de plaat) als men kijkt en als golven (interferentiepatroon) als men niet heeft gekeken of gemeten door welke spleet het deeltje is gegaan.

Men varieerde die proef op alle mogelijke manieren en het leek nog sterker te worden met de laatste wetenschappelijke proefopstellingen voor het “delayed choise quantum eraser” experiment. Hiermee wou men voorgoed weten hoe atomaire deeltjes, in dit geval fotonen, zich gedragen, als golf of deeltje als men niet kijkt door welke spleet die is gegaan maar het toch via een list kan te weten komen. En dan werd het nog vreemder. Door het waarnemen van het eindresultaat blijkt het foton te kunnen bepalen of het door 1 spleet (deeltje) of 2 spleten (golf) zou gaan zonder te kijken. Hierdoor zou het bewustzijn wel heel duidelijk kunnen aangeduid worden als de voorwaarde voor het gedrag en niets anders zoals de meting of het meetinstrument. Het experiment toonde echter aan dat de proef niet alleen verandert als men besluit de meting te wissen maar ook dat het foton zijn oorzakelijke baan en vorm verandert NADAT het is waargenomen bij het eindresultaat. De beslissing om door 1 of 2 spleten te gaan wordt slechts bepaald nadat het is waargenomen. Het is dus nu zeker puur bewustzijn. Het doet zich als deeltje voor als we het bewust waarnemen en als golf als we niet kijken!!!

Om heel zeker te zijn of dit ook zo is in onze wereld van de grote dingen, bedacht Schrödinger zijn gedachtenexperiment met een levende kat die ofwel dood ofwel levend zou zijn als een atoom al dan niet zou vervallen. Iets wat men niet kan bepalen. Dit is volstrekt willekeurig maar heeft dan gevolgen voor de macroscopische wereld.

Men deed deze proeven niet alleen met fotonen maar ook met elektronen, hele atomen en zelfs moleculen. Het komt er dus op neer dat een atoom bijv. niet bestaat als deeltje als die niet is waargenomen door een bewustzijn! Daarom reageerde Einstein eerst sceptisch “dat als er niemand naar de maan kijkt, het zou betekenen dat de maan er niet hangt” en dat is uiteraard een zware ongelooflijke gevolgtrekking die men niet kan ontwijken als de kwantumtheorie juist is. Jaren later moest hij echter zijn mening herzien wat betekent dat de maan er niet zou hangen als er niemand naar kijkt. Dit is ongelooflijk maar juist!

Materie is dus “mindstuff” zoals Eddington uitdrukte bij zijn uitspraak “the stuff of the world is mindstuff” of zoals Bohr “wie niet geschokt is door de kwantumtheorie heeft er niets van begrepen”. Later uitte Einstein de uitspraak “Onze materiële wereld is slechts een illusie, al is het een weerbarstige”

Verdere gevolgtrekkingen die nu intussen overal gebruikt worden zijn ongetwijfeld bevestigd. Het hield in dat er een absoluut nulpunt moest bestaan in temperatuur. Het verklaart supervloeistof zoals dat door een drinkglas sijpelt alsof het glas porieus is, een natuurkundig verschijnsel.

Elektriciteit zijn elektronen die zich langs atomen door een geleider zoals koperdraad bewegen maar radiogolven zijn dan wel golven en geen deeltjes. De golf verspreidt zich in alle richtingen terwijl een deeltje dat niet doet. Een golf doet echter geen transistor schakelen zoals bij een radio. Er loopt wel degelijk elektriciteit door antenne en draad. De elektronen doen ons terug denken aan het twee spleten experiment waarin deeltjes worden waargenomen en in het andere geval golven. Als we niet bewust waarnemen (in dit geval horen) zijn er slechts golven. Dat de radio werkt is dus het gevolg van de kwantumtheorie.

Een verder gevolg, iets tussen vloeistof en elektriciteit is het fenomeen “supergeleiding”. Als de kwantumtheorie juist zou zijn zou elektriciteit zich zonder weerstand door een geleider kunnen bewegen. Als dat niet mocht juist geweest zijn zouden er nu geen MRI scanners bestaan. Dit is een elektromagnetisch verschijnsel terwijl een RX foto deeltjes zijn want ze slaan “brandwonden” op de fotografische plaat, puntjes dus die allemaal samen een afbeelding vormen.

Ook lasers en microgolfovens zouden niet bestaan mocht de theorie niet juist zijn. Nochtans blijken we bijv. voedsel te kunnen verwarmen zonder dat de warmte zich moet geleiden via lucht of metaal naar het voedsel. Dit zijn allemaal gevolgen van de golf-deeltjes dualiteit waar het in het twee spleten experiment om draait.

Hoe meer we de stof onderzoeken, hoe meer ze verdwijnt onder onze ogen.

Ook Darwin moet eraan geloven.

Af en toe verandert er iets in de wetenschap en meestal is dat omwille van verbeteringen. In bepaalde wetenschappen blijkt men echter compleet fout te zijn.

Een theorie die volledig verkeerd blijkt uit nieuwe onderzoekingen en ontdekkingen, is de evolutietheorie van Darwin. Darwin kon destijds ook niet weten dat iets als DNA ging meespelen en dat iets dat leeft zichzelf constant probeert te verbeteren door al zijn mogelijkheden te verkennen. Hij kon ook niet weten dat er organismes zouden bestaan hebben die zich niet konden ontwikkelen door natuurlijke selectie.

Een voorbeeld is bijv. een bloem of plant die zich naar de zon draait. Het is niet het overlevingsmechanisme dat alleen planten doorlaat die naar de zon draaien en de andere overwoekeren maar het feit dat de plant zich wel degelijk zelf naar de zon draait. Ieder levend mechanisme heeft drijfveren die het ook doorgeeft.

Er waren al jarenlang problemen met de theorie van Darwin daar ze voor bepaalde dingen niet kon opgaan, zoals een eencellige met slingerstaart (flagellum) die hij als schroef gebruikt zoals bij een onderzeeër en waarvan de “motor” uit meerdere onderdelen bestaat en waarvan geen enkel deel kan gemist worden of de eencellige kan zich niet meer bewegen en niet meer voeden. Evolutie is dus onmogelijk. Het is dus ook niet het resultaat van verbeteringen door toevallige mutaties (die zich dan ook nog kunnen voortplanten want ook niet evident is). Mutaties veroorzaken steeds ernstige gebreken, geen verbeteringen.

Er is dus iets Goddelijks werkzaam in alles wat leeft. We kunnen het drijfveer noemen zichzelf te ontwikkelen en te verbeteren. Zie ook kwantumbiologie die een gevolg is van kwantummechanica.
Liever zo’n God die evolueert dan een die zijn macht grijpt door strijd en overleven.

Ik wil nog even nader uitleggen hoe sterk dit bewezen is. Het gaat om recente ontdekkingen oa. in biogenetica, meerbepaald betreft het DNA. DNA is informatie en informatie is geen toeval net zo min als een boek een toevallige combinatie of letters is.
Terwijl de evolutietheorie een “theorie” (theorie=niet bewezen) was is de nieuwe benadering een wet (onomstotelijk feit, absolute zekerheid en wetenschappelijk bewezen).

Informatie komt altijd van een intelligent mechanisme, niet uit toeval. Vergelijk het met een bouwplan voor een auto. Iemand heeft dit plan ontworpen en het is niet toevallig ontstaan. Ook één cel kan nooit zomaar ontstaan, het is het product van “informatie”, in dit geval DNA. Het DNA bevat de zeer precieze volledige informatie over het uiteindelijk product.

De wetenschappelijke wereld moet dus stilaan in een grote ontwerper gaan geloven omdat dit ook al blijkt uit bestudering van onze vaste stof. Onze wereld is ook een soort virtuele manifestatie en geen stof die uit niets is ontstaan. Als een atoom of zelfs maar de subatomaire deeltjes “mindstuff” zijn dan moet dit voor biologische systemen vanzelfsprekend ook zo zijn.

Er is de tweede wet in de fysica die zegt dat de entropie van een geïsoleerd systeem dat niet in evenwicht is, toeneemt in de loop van de tijd, tot het maximum voor dat geïsoleerde systeem is bereikt.

Losse molecules kunnen dus nooit DNA vormen welke de basis is van gelijk welk leven, hoe simpel ook.

DNA is geordende informatie over wat de levensvorm moet worden is en dit gaat dus regelrecht in tegen de tweede wet der fysica.

Leven kan zich dus alleen in een soort evolutie vervolmaken als er een intelligent systeem gedreven is met energie en wilskracht om zich te verbeteren.

Darwin’s evolutietheorie dat de omgeving de soort met de beste kansen behoudt. Survival of the fittest. Door pure toevallige mutaties zou er slechts chaos ontstaan door de entropie.

Het is niet de omgeving die de levensvorm verandert maar de levensvorm die zichzelf en zijn DNA aanpast aan de leefomgeving.

Denis